Herstel :: Ik wil dat ik het wil

4 februari 2018
Ds. Dennis Mohn
Matteüs 18:21-35

Samenvatting

We willen goed liefhebben van God, onze naaste, en onszelf omwille van de wereld. Omwille dus van dit goddelijke proces van herstel. En goed liefhebben betekent ook kunnen vergeven in de relatie met God, onze naaste en onszelf. Want liefde is vergeving.

Wat maakt vergeving ingewikkeld voor ons? Wat zijn onze meest voorkomende misvattingen?Vergeving is niet te isoleren tot bepaalde relaties of fouten. Het is niet afhankelijk van de reactie van de ander. En het is niet het ongedaan maken van het verleden. Maar vergeving omvat alles en iedereen, het is altijd mogelijk, en het schept vrijheid voor de toekomst in je relatie tot de ander.Een belangrijk kenmerk van vergeving is dat je de ander kunt zegenen en het beste kunt wensen. Vergeving heeft plaatsgevonden als je je recht op wraaknemen overgeeft.

De vraag van Petrus was: Wanneer doe ik het goed, wanneer heb ik vaak genoeg vergeven? Jezus’ antwoord is het verhaal over de “onbarmhartige dienaar”. En de grootste misstap van deze dienaar is niet dat hij niet voldoende vergeving gaf. De grootste misstap van deze dienaar is dat hij niet bereid was geweest zijn eigen vergeving werkelijk te ontvangen. Als hij dat echt, in zijn hart, diep van binnen zou hebben gedaan dan zou de schuld van de ander voor hem al niet meer hebben bestaan.

Dus Jezus haalt onze vraag: ‘Wanneer ben ik genadig genoeg voor de ander? Hoeveel moet ik doen en hoe vaak moet ik vergeven?’ uit de context van de relatie tussen jou en die ander. En hij plaatst hem in de context van Zijn relatie met jou: “Weet je hoeveel en hoe vaak ik genadig ben voor jou? Weet je het echt?” En het antwoord is: 70×7. Oneindig vaak! Heb je dat echt ontvangen? Of vraag je je nog steeds af ‘hoeveel’ en ‘hoe vaak’?

Vaak krijgen we vergeving maar hebben we het ook echt ontvangen? Als je je jouw jongere zelf voorstelt die iets deed waar je je schuldig over voelt of waar je je voor schaamt (of dat nu een dag of twintig jaar geleden is), kan je dan diegene de hand reiken? Kan je Jezus’ liefde voor jouw schuldige en gefaalde zelf omarmen? Heb je dus alleen gekregen of ook al ontvangen?

Vragen

  1. Als je het verhaal leest in Matteüs 18:21-35 wat is dan het effect van dit verhaal op jou? Voel eens of een van de volgende stellingen waar is voor jou: (1) Ik vind dit een benauwend of verontrustend verhaal. (2) Ik zit krampachtig na te denken wie ik misschien nog niet vergeven heb. (3)Ik denk verschrikt aan degene die ik nauwelijks kan vergeven en vraag me af hoe ik dat ooit voor elkaar krijg. (4) Ik vraag me diep vanbinnen af: Dat vergeven dat ik hoor te doen als christen, doe ik dat wel goed? – Deel met elkaar wat er in je denken over vergeving inmiddels is veranderd.
  2. Herken je in je eigen leven de gedachte van vergeving krijgen maar moeilijk kunnen ontvangen? Vergeving ontvangen is als het ware jezelf vergeven. Waarom vinden we dat lastig?
  3. Deel met elkaar je verhalen van vergeving (zowel geven als ontvangen) en hoe moeilijk het misschien was in een bepaalde situatie. Maar ook hoe het wel goed ging.