Hunkeren naar verbondenheid

10 april 2020
Ds. Dennis Mohn
Lukas 23:46, Johannes 10:22-39

[printfriendly]

Samenvatting

Waar ben ik aan verbonden? Waar is mijn geloof eigenlijk aan verbonden? Het verhaal in het Johannesevangelie gaat vooral hierover: Als je de Vader wilt kennen, als je verbonden wilt zijn met de Vader, moet je met Jezus verbonden zijn. Het gaat in deze tekst om verbinding. Maar het gaat ook over de zekerheid die van ons is als we verbonden zijn met Jezus. Niemand, zegt Jezus, kan degene die met mij verbonden zijn uit mijn handen roven.

Johannes schrijft dit verhaal op omdat er jaren later nog steeds mensen waren die hun zekerheid en hoop op de verkeerde plaatsen zochten. En daar zijn wij ook vrij goed in… als het ware verkeerd verbonden.

· Velen zijn opgegroeid in de rijen van een kerk. Die ene gemeente is altijd je thuis geweest. Maar ons geloof en de zekerheid van ons geloof zijn niet afhankelijk van de gemeente/een plaats/een kerkgebouw.

· Vaak zijn we ook verbonden met God door een bepaalde leider. Dat kan een auteur, een spreker, predikant of een podcast zijn. En onze verbondenheid met God kan snel wegvallen als de tussenschakel wegvalt.

· Zekerheid is niet zeker in een plaats of een leider, en ook niet in bepaalde idolen. Er is een dunne lijn tussen de Bijbel behandelen als een icoon en als een idool. Icoon betekent letterlijk een ‘venster in de hemel’. De Bijbel is in veel opzichten een icoon. Het geeft ons een kijkje in Gods hart. Ons geloof is niet, hoe belangrijk de Bijbel ook is, geworteld in een document, maar het is geworteld in degene die geopenbaard is door dat document.

Zovelen van ons gaan door het leven en realiseren zich dat hun geloof geworteld is allerlei dingen. Maar zekerheid is te vinden als we geworteld zijn in Jezus alleen. “Niemand kan je uit Mijn handen roven” zegt Jezus.

In wiens handen ben je? In de handen van de mens werd Jezus verraden. In de handen van de mens werd Jezus afgewezen. In de handen van de overheid werd Jezus gekruisigd. In de handen van zijn vrienden werd Jezus teleurgesteld. In de handen van religie werd Jezus gehaat. En daarom zegt Jezus aan het kruis: “In Úw handen, Vader, bevel ik Mijn geest.” Wat er ook gebeurd is in je leven, het is nooit te laat om je leven in Zijn handen te leggen. En Niemand kan je daar wegroven. In wiens handen ben je? Ik hoop in Zijn handen. Anders ben je verkeerd verbonden.

Vragen

  1. Herken je het probleem van verbondenheid en zekerheid zoeken op de verkeerde plaatsen? Bespreek met elkaar welke consequenties dat kan hebben.
  2. Zijn er specifieke voorbeelden in je leven van hoe je je verbondenheid met God zocht in een plaats, een persoon, een idool of goedkeuring? Wanneer en hoe kwam er verandering?
  3. In wiens handen ben je? Heb je tijdens de preek een keuze gemaakt om je leven of bepaalde dingen weer in Jezus’ handen te leggen? Hoe kunnen we dan voor jou bidden om je te helpen dat het daar mag blijven?